Rechter: kleine SDE-zonnedaken kregen in 2024 te weinig subsidie
Redactie GreenStability, geschreven met hulp van AI · zo werkt Actueel
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven, de hoogste bestuursrechter voor dit soort zaken, heeft op 23 september geoordeeld dat de minister de SDE-correctiebedragen voor 2024 verkeerd heeft vastgesteld. Het ministerie liet periodes van minimaal zes aaneengesloten uren met negatieve stroomprijzen buiten de berekening van de gemiddelde stroomprijs. Daardoor viel die gemiddelde prijs hoger uit, werd het correctiebedrag hoger en de uitgekeerde subsidie lager. Het Besluit SDE biedt daarvoor geen grondslag, oordeelt de rechter: de correctie moet uitgaan van de gemiddelde waarde van de stroom, zonder uren weg te laten.
De uitspraak gaat over zonnepanelen tot 500 kilowatt en windturbines op land tot 3 megawatt uit de SDE-rondes van voorjaar 2017 tot en met najaar 2019. De minister krijgt dertien weken om nieuwe correctiebedragen vast te stellen, nu mét de negatieve uren, wat voor de betrokken producenten neerkomt op een lager correctiebedrag en dus een hogere subsidie over 2024. Of alle producenten in deze categorieën automatisch een herberekening krijgen, of alleen de ondernemers die in beroep gingen, is nog niet bekend. Heeft uw bedrijf een zonnedak met een SDE-beschikking uit 2017, 2018 of 2019, dan is het de moeite waard de definitieve vaststelling over 2024 van RVO te bewaren en de herziene bedragen af te wachten. Voor nieuwe zonnedaken speelt dit niet: die vallen meestal onder de Energie-investeringsaftrek, zie SDE++ of EIA voor een zonnedak.